Slechte ogen


Veel mensen hebben slechte ogen.
Dat kan komen door bijv. een oogafwijking of hersenaandoeningen.
Een groot deel van de mensen hebben een aangeboren oogafwijking en hebben daardoor dus geen scherp beeld meer.
Vroeg of laat komen deze mensen in aanraking met een opticien, een optometrist of een oogarts.
Door het verrichten van oogmetingen kunnen we bepalen hoe groot de afwijking is en in hoeverre dit nog verbeterd kan worden.
Oogafwijkingen zijn er in verschillende vormen.
Zo onderscheidt ze in de oogheelkunde:
bijziendheid,
verziendheid,
cilinderafwijkingen
en
presbyopie.

Contactlenzen


De contactlens is een optisch hulpmiddel dat op het oog wordt gedragen.
Het plastic lensje wordt door geautomatiseerde processen op maat en sterkte gemaakt.
Het drijft op een laagje traanvocht, zonder het hoornvlies te raken.
De tussenruimte tussen de lens en het hoornvlies hoort naar de rand toe steeds groter te worden.
Andere belangrijke eisen:
  • Het hoornvlies moet voldoende zuurstof krijgen.
  • De lens mag niet te veel of te weinig verschuiven ten opzichte van het oog.
  • De vorm van het oog mag niet veranderen door het dragen van contactlenzen.
Niet ieder oog is geschikt voor het dragen van een contactlens.
Voordat men lenzen aanschaft, kan men daarom beter de ogen laten onderzoeken bij een opticien.
Deze meet onder andere het traanvochtgehalte; als het oog te droog is, raakt de lens het hoornvlies in plaats van op het traanvocht te drijven.
De contactlens is een alternatief voor de bril, en wint al jaren aan populariteit.
Als voordelen worden het draaggemak en het niet beslaan van de lens genoemd.
Verder voldoet het dragen van een bril voor velen niet aan de schoonheidsideaal.
Gewone zonnebrillen kunnen worden gedragen, terwijl de brildrager een zonnebril op sterkte of een zogenaamde ‘adaptor’ moet aanschaffen.
Lenzen worden zelfs door mensen gedragen die geen oogafwijking hebben;
populair zijn de speciale lenzen die de iris een andere kleur geven of zelfs het effect van kattenogen en dergelijke geven.
Een veelgehoord fabeltje over lenzen is dat zij achter het oog zouden kunnen belanden.
Dit is echter niet mogelijk, doordat het bindvlies overgaat van het oog naar de binnenkant van de oogleden.

Soorten lenzen


Contactlenzen worden grofweg opgedeeld in harde en zachte lenzen.
Harde of vormvaste lenzen hebben een langere levensduur en laten veel zuurstof door.
Dit laatste komt ten goede van de gezondheid van het oog.
Daar staat tegenover dat ze oncomfortabel kunnen zitten; ze zijn minder flexibel.
Harde lenzen worden overigens niet langer gemaakt van het oncomfortabele perspex, wat vroeger wel het geval was.
De meeste harde lenzen gaan een paar jaar mee en zijn relatief goedkoop in onderhoud.
Zachte lenzen (gemaakt van een polymeer, een op perspex gelijkend materiaal dat flexibel wordt in combinatie met vocht) zijn groter en flexibeler.
Er zijn minder soorten maten dan bij harde lenzen, aangezien de lens zichzelf beter aanpast aan de vorm van het oog.
Door de poreuze structuur neemt de lens veel water op.
De zachte lens zuigt zich makkelijk aan het oog vast en zit comfortabel.
Wel wordt deze lens sneller vuil, omdat zij vermengd worden met allerlei stoffen in het traanvocht.
Vanwege het onderhoud zijn dragers duurder uit dan dragers van harde lenzen.
Zachte lenzen moeten altijd nat blijven en dus in lenzenvloeistof bewaard worden, anders worden ze hard en kunnen ze breken.
Bij zowel harde als zachte lenzen wordt aangeraden ze ’s nachts uit te doen, en de ogen regelmatig te laten controleren bij de contactlensspecialist of optometrist.
Maandlenzen worden, zoals de naam al aangeeft, maximaal een maand gedragen.
Door elke maand een schone lens te gebruiken, wordt het gevaar van dichtslibben beperkt.
De zachte lenzen worden meestal elk halfjaar aangeschaft (per zes paar dus) en geleverd inclusief lenzenvloeistof en controle.
Eén halfjaarlijkse set kost gemiddeld 100 euro.
Maandlenzen en lenzenvloeistof zijn ook goedkoper verkrijgbaar, bijvoorbeeld bij drogisterijen, maar de sterkte van de lenzen loopt doorgaans maar tot circa -7 en is tegenwoordig ook verkrijgbaar met cilinder-correctie.
Bij een lens met cilinder-correctie is een deel van de lens verzwaard waardoor de lens de juiste positie aanneemt op het oog.
De continulens is een vrij nieuwe ontwikkeling op het gebied van de optiek.
Deze lens wordt dag en nacht gedragen voor een periode van een maand, en zou zes keer zoveel zuurstof doorlaten als de gewone maandlenzen.
De continulens is gemaakt van siliconen en hydrogel.
De ontwikkelingen op het gebied van contactlenzen gaan nog steeds snel.
Men buigt zich onder andere over wegwerplenzen, bifocale lenzen en lenzen die nog meer zuurstof doorlaten, wat het oog ten goede komt.
Ook reinigingsvloeistoffen worden constant geperfectioneerd.


Gebruik


Een lens kan in principe van 's ochtends tot 's avonds worden gedragen.
Hygiëne is erg belangrijk; voor het inzetten van een lens moeten de handen grondig gewassen worden.
Als de lens uit de lenshouder wordt gehaald, controleert men of de lens niet binnenstebuiten zit. Hiervoor wordt de lens op de vingertop gelegd en aan de zijkant bekeken; ze hoort de vorm van een kopje te hebben, hebben ze de vorm van een schoteltje dan zit de lens binnenstebuiten en moet de lens omgeklapt worden.
Nu wordt met de andere hand het bovenste ooglid omhoog getrokken.
De lens wordt op het oog gelegd, zonder dat de vinger op de pupil drukt.

De lens hoort nu pijnloos op het oog gezogen te worden door capillariteit. Is het wel pijnlijk, dan kan er een vuiltje tussen het oog en de lens zitten, of kan er een scheurtje in de lens zitten. Bij het uitnemen houdt men wederom het bovenste ooglid omhoog, terwijl de lens met de duim en wijsvinger van de andere hand gepakt wordt.
Een andere methode is door middel van een zuignapje.


Brillen


Een bril is een optisch instrument dat op het hoofd gedragen wordt en de ametropie (refractiefout) van het oog opheft waardoor de drager gebruikelijk weer scherp kan zien.
Een bril bestaat uit 2 delen.
Het brilmontuur en de brillenglazen.
De glazen zelf zijn optische lenzen.

Plus en min glazen


Een bril (dus geen leesbril) is bedoeld om het punt waarop de drager ziet in de verte (het oneindige) te leggen.
Hierdoor kan de drager in de verte scherp zien zonder zelf daarvoor in te spannen door middel van accomodatie.
  • Een "min" bril wordt gebruikt tegen myopie (bijziendheid), waarbij iemand voorwerpen dichtbij wel scherp kan zien, maar veraf niet. De min bril maak het beeld ver weg weer scherp.
  • De "plus" bril wordt gebruikt tegen hypermetropie (verziendheid) en maakt het gemakkelijker voor een verziend persoon om voorwerpen dichtbij te bekijken. Zonder bril zal het oog van een verziend persoon voortdurend accommoderen om de oogfout op te heffen, en hierdoor kan men klachten krijgen als hoofdpijn, vermoeide ogen en concentratieproblemen. De bril corrigeert de verziendheid, waardoor het oog niet voortdurend hoeft te accommoderen en de klachten verdwijnen.
Behalve van het oog zelf hangt de benodigde sterkte van een lens ook af van de afstand tussen het oog en de lens, de zogenaamde hoornvliesafstand.
Deze afstand is doorgaans 12 of 14 millimeter voor brillenglazen.
Hoe groter de afstand tot het oog, hoe sterker een negatieve lens moet zijn en hoe zwakker een positieve lens moet zijn.
Met de volgende calculator kan dit preciezer worden berekend.

Leesbril


Rond het 40e levensjaar zal het oog langzaam accommodatievermogen verliezen doordat de ooglens minder flexibel wordt en hierdoor niet bol genoeg meer kan worden om voorwerpen die zich dichtbij bevinden scherp te zien.
Dit heet presbyopie (oudziendheid) en is een normale aandoening die verbonden is aan leeftijd en dus iedereen zal treffen.
Een leesbril vangt het tekort aan accommodatie op waardoor dichtbij weer scherp gezien kan worden.
Wanneer iemand daarnaast ook al bijziend of verziend was, is de sterkte van de leesbril ook afhankelijk van de correctie die de drager nodig heeft voor deze andere oogafwijking.
Naast een leesbril zijn er meerdere oplossingen tegen presbyopie door middel van een bril door het gebruik van gespecialiseerde glazen zoals bifocale glazen of multifocale glazen.

Veiligheid


Een bril kan ook gebruikt worden ter bescherming van de ogen.
Zo beschermt een zonnebril met getinte glazen tegen overvloedig zonlicht en is een skibril vaak
extra goed tegen ultraviolet licht beschermd (ter voorkoming van sneeuwblindheid).
Een veiligheidsbril beschermt de ogen tegen rondvliegende deeltjes (b.v. bij metaalbewerking) of tegen spatten van vloeistoffen (bij het werken met chemicaliën).
Duikers gebruiken een duikersbril zodat ze hun ogen onder water geopend kunnen houden.
Al deze brilsoorten kunnen ook met een correctie voorzien worden


Gebruike bronnen:

verschillende dingen over je oog
conactlenzen
brillen